Wanneer is er opname van een woning op de lijst ongeschikt / onbewoonbaar?

Een woning wordt onbewoonbaar en/of ongeschikt verklaard via een besluit van de burgemeester van de gemeente of stad waar de betrokken woning is gelegen. Een woning kan ook opgenomen worden op de inventaris door een besluit van de Vlaamse Regering.

Van dit besluit tot ongeschikt/onbewoonbaarverklaring wordt een afschrift bezorgd aan de inventarisbeheerder. Deze neemt de woning onmiddellijk op de lijst ongeschikt/onbewoonbaar in de inventaris.

De datum van het besluit van ongeschikt/onbewoonbaarverklaring geldt in dit geval als opnamedatum. U wordt bij deze procedure van ongeschikt/onbewoonbaarverklaring waarbij trouwens reeds een technisch verslag inzake ongeschiktheid/onbewoonbaarheid werd opgesteld, normaal gezien ook vooraf gehoord.

De opname van een woning op de lijst ongeschikt/onbewoonbaar van de inventaris wordt ter kennis gegeven aan de eigenaar(s) door middel van de betekening van het besluit van de burgemeester.

Beroep tegen het besluit van de burgemeester kan binnen de 30 dagen na het betekenen ervan rechtstreeks worden ingediend bij de Vlaamse Regering. Er is dan ook niet meer voorzien in een afzonderlijk beroep bij de inventarisbeheerder.

Hoe stelt de inventarisbeheerder vast dat een woning of gebouw ongeschikt en/of onbewoonbaar is?

Een controleur komt ter plaatse en onderzoekt de woning aan de hand van een technisch verslag. Dit is een checklist van mogelijke gebreken. Afhankelijk van de ernst, wordt elk gebrek gequoteerd met 1, 3, 9 of 15 strafpunten.

Behaalt de woning minstens 15 strafpunten, dan wordt geadviseerd om de woning ongeschikt te verklaren. Houden de gebreken een veiligheids- of gezondheidsrisico in, dan wordt ook geadviseerd om de woning onbewoonbaar te verklaren.

Aan de hand van dit advies beslist de burgemeester  om de woning ongeschikt en/of onbewoonbaar te verklaren. Vanaf die datum wordt de woning opgenomen op de inventaris.